Of u in de toekomst evenveel kunt kopen met uw pensioen als nu hangt onder anderen af van de toename van uw pensioenvermogen en van de stijging van de prijzen.
Ook de stand van de rente en de levensverwachting spelen een rol bij de waardevastheid van uw pensioen. Om uw pensioen waardevast te houden, proberen we uw (opgebouwde) pensioenvermogen ieder jaar te verhogen. Dat doen we door een deel van het rendement te verdelen over de pensioenvermogens van deelnemers en pensioengerechtigden. Rendementen smeren we uit over een periode van drie jaar. Zo zorgen we voor een zo stabiel mogelijk pensioen, zowel bij uitschieters naar boven als naar beneden. Een ander deel van het rendement wordt gebruikt voor de solidariteitsreserve en het aanhouden van de wettelijk vereiste buffer.
Stel, het overrendement na vulling van de solidariteitsreserve bedraagt 3%. Dit wordt over drie jaar uitgesmeerd over de pensioenuitkeringen en pensioenvermogen. Het fonds verhoogt deze dan in jaar 1 met 1%, in jaar 2 met 1% en in jaar 3 met 1%. Zijn de rendementen over meerdere jaren negatief? Dan is verhogen niet mogelijk.
Verhoging in de afgelopen jaren
Tot 1 januari 2026 golden andere regels voor het verhogen van pensioen. We moesten verplicht hoge buffers aanhouden en konden dus minder snel de pensioenen verhogen. Ook was de verhoging gekoppeld aan de stijging van de prijzen. Stegen de prijzen niet? Dan werden de pensioenen ook niet verhoogd. Hierdoor hebben we tot 1 januari 2026 de pensioenen sommige jaren niet en sommige jaren maar gedeeltelijk kunnen verhogen. De afgelopen jaren zijn de pensioenen dus niet volledig meegegroeid met de stijging van de prijzen. Bij de overgang naar de nieuwe pensioenregeling per 1 januari 2026 is deze achterstand zoveel mogelijk ingehaald. We hebben toen namelijk de hoge buffers kunnen verdelen over de pensioenvermogens en pensioenen van alle deelnemers.
Tot en met 1 januari 2022 probeerden we de pensioenen van KLM'ers te verhogen met de algemene loonronde van KLM Grondpersoneel. Vanaf 2023 is dit aangepast en gebruiken we de stijging van de prijzen als maatstaf.
Voor iedereen die pensioen opbouwt
| Indexatie per | Stijging van de prijzen (*) |
Loonronde KLM (tot 2023) Beoogde prijsindex vanaf 2023 (**) |
Toegekende verhoging |
Cumulatieve achterstand |
|---|---|---|---|---|
| 1-1-2012 | 2,34% | 3% | 1,5% | 1,5% |
| 1-1-2013 | 2,45% | 0% | 0% | 1,5% |
| 1-1-2014 | 2,51% | 0% | 0% | 1,5% |
| 1-1-2015 | 0,98% | 0% | 0% | 1,5% |
| 1-1-2016 | 0,65% | 0% | 0% | 1,5% |
| 1-1-2017 | 0,32% | 0% | 0% | 1,5% |
| 1-1-2018 | 1,38% | 1,00% | 0,35% | 2,16% |
| 1-1-2019 | 1,71% | 1,50% | 0,80% | 2,87% |
| 1-1-2020 | 2,63% | 4,57% | 0,00% | 7,57% |
| 1-1-2021 | 1,27% | 0,00% | 0,00% | 7,57% |
| 1-1-2022 | 2,68% | 0,00% | 0,00% | 7,57% |
| 1-1-2023 | 10,00% | 16,9% | 11,39% | 12,90% |
| 1-1-2024 | 3,84% | -2,00%**** | 0,00% | 12,90% |
| 1-1-2025 | 3,35% | 2,60% | 2,60% | 12,90% |
| 1-1-2026 | NNB | 3% | 3% | 12.90% |
(*) CBS prijsindexcijfer berekend op het jaargemiddelde van de reeks alle huishoudens.
(**)CBS prijsindexcijfer berekend op de periode oktober-oktober van de reeks alle huishoudens afgeleid (geschoonde prijsindex).
(***) De overheid heeft de regels op 1 juli 2022 tijdelijk aanpast waardoor de pensioenen extra zijn verhoogd met 2,34% Dit komt boven op de eerdere verhoging van 0,96%. De pensioenen zijn dus, in totaal per 1 januari 2022, omhoog gegaan met 3,3%.
(****) Het percentage van de beoogde prijsindex bepaald ieder jaar met hoeveel procent de pensioenen maximaal kunnen worden verhoogd. De wet staat niet toe dat als dit percentage onder de 0% ligt, hierdoor de pensioenen kunnen dalen. De beoogde prijsindex per 1-1-2024 van -2,0% staat daarom gelijk aan 0%.
Voor pensioengerechtigden en iedereen die uit dienst is gegaan
| Indexatie per | Stijging van de prijzen (*) | Beoogde Prijsindex(**) | Toegekende verhoging |
Cumulatieve achterstand prijsindex |
|---|---|---|---|---|
| 1-1-2012 | 2,34% | 2,3% | 1,2% | 1,1% |
| 1-1-2013 | 2,45% | 2,0% | 1,0% | 2,1% |
| 1-1-2014 | 2,51% | 0,9% | 0,5% | 2,5% |
| 1-1-2015 | 0,98% | 0,7% | 0,4% | 2,8% |
| 1-1-2016 | 0,65% | 0,4% | 0% | 3,2% |
| 1-1-2017 | 0,32% | 0,4% | 0% | 3,6% |
| 1-1-2018 | 1,38% | 1,30% | 0,45% | 4,50% |
| 1-1-2019 | 1,71% | 1,70% | 0,91% | 5,30% |
| 1-1-2020 | 2,63% | 1,70% | 0,00% | 7,11% |
| 1-1-2021 | 1,27% | 1,10% | 0,00% | 8,29% |
| 1-1-2022 | 2,68% | 3,30% | 3,30%*** | 8,29% |
| 1-1-2023 | 10,00% | 16,9% | 11,39% | 13,64% |
| 1-1-2024 | 3,84% | -2,00%**** | 0,00% | 13,64% |
| 1-1-2025 | 3,35% | 2,60% | 2,60% | 13,64% |
| 1-1-2026 | NNB | 3% | 3% | 13,64% |
(*) CBS prijsindexcijfer berekend op het jaargemiddelde van de reeks alle huishoudens.
(**)CBS prijsindexcijfer berekend op de periode oktober-oktober van de reeks alle huishoudens afgeleid (geschoonde prijsindex).
(***) De overheid heeft de regels op 1 juli 2022 tijdelijk aanpast waardoor de pensioenen extra zijn verhoogd met 2,34% Dit komt boven op de eerdere verhoging van 0,96%. De pensioenen zijn dus, in totaal per 1 januari 2022, omhoog gegaan met 3,3%.
(****) Het percentage van de beoogde prijsindex bepaald ieder jaar met hoeveel procent de pensioenen maximaal kunnen worden verhoogd. De wet staat niet toe dat als dit percentage onder de 0% ligt, hierdoor de pensioenen kunnen dalen. De beoogde prijsindex per 1-1-2024 van -2,0% staat daarom gelijk aan 0%.