Voor onze dienstverlening kunnen wij uw persoonsgegevens verwerken. Daarnaast maken wij gebruik van cookies op onze website. Raadpleeg voor meer informatie ons privacystatement en cookiestatement.

Sluiten

Toelichting op de financiële positie

Eind september 2020

  • Vermogen: ons vermogen is € 9,71 miljard.
  • Verplichtingen: het geld dat we moeten hebben om alle pensioenen te kunnen betalen (nu en in de toekomst) is € 10,01 miljard
  • Nominale dekkingsgraad gestegen. De dekkingsgraad is de verhouding tussen het vermogen en de verplichtingen. De nominale dekkingsgraad is 97,0%
  • Beleidsdekkingsgraad gedaald. De beleidsdekkingsgraad is de gemiddelde dekkingsgraad over de laatste 12 maanden. De beleidsdekkingsgraad is 99,6%.

Verplicht extra buffer opbouwen

Als het vermogen net zo groot is als de verplichtingen, als er dus precies genoeg geld is om alle pensioenen nu en in de toekomst te betalen, dan is de dekkingsgraad 100%. Dat lijkt goed genoeg, maar dat is het niet. Een pensioenfonds moet buffers hebben, omdat de toekomst onzeker is. Zo zorgen we ervoor dat we ook bij financiële tegenvallers iedereen een pensioen kunnen uitbetalen.

Hoe groot moet de buffer zijn?

Volgens de regels van de overheid moet ons vermogen 21,3% (per 30 september 2020) meer zijn dan onze verplichtingen. We moeten dus voldoende geld hebben om nu en in de toekomst de pensioenen te betalen, plus 21,3% extra. Zo kunnen we een eventuele onverwachte daling van het vermogen goed opvangen. Op dit moment ligt de beleidsdekkingsgraad van 99,6% (per 30 september 2020) onder het vereiste niveau. Het pensioenfonds heeft dus onvoldoende financiële buffers.

Herstelplan

Het pensioenfonds heeft eind maart 2020 een herstelplan ingediend bij De Nederlandsche Bank om te laten zien hoe het pensioenfonds binnen 10 jaar weer voldoende financiële buffers heeft. Aan de hand van de financiële positie per 31 december van elk jaar wordt bekeken of het fonds op tijd herstelt en wordt als dat nodig is een geactualiseerd herstelplan ingediend bij De Nederlandsche Bank (DNB).  

Veelgestelde vragen

Bij de berekeningen in het herstelplan worden aannames gemaakt. Voor bijvoorbeeld de ontwikkeling van de rente en het rendement. In de loop van het jaar kan de werkelijke ontwikkeling afwijken van deze aannames. Daarom moet het fonds ieder jaar een geactualiseerd herstelplan opstellen.

Volgens de regels van de overheid moet ons vermogen 22,4% (per 31 december 2019) meer zijn dan onze verplichtingen. De vereiste dekkingsgraad is dus 122,4%. Zo kunnen we een eventuele onverwachte daling van het vermogen goed opvangen. 

In de volgende twee situaties kan uw pensioen verlaagd worden:

  • De beleidsdekkingsgraad ligt vijf jaar (zes meetmomenten) onder de minimaal vereiste dekkingsgraad (104,2%) en de actuele dekkingsgraad ligt op het laatste meetmoment onder de 100%. Korting is dan onvoorwaardelijk maar mag worden uitgesmeerd (maximaal 10 jaar).
  • Het zal het pensioenfonds volgens het herstelplan niet lukken om binnen 10 jaar op het vereiste vermogen te komen. Dat kan gebeuren als de actuele dekkingsgraad eind 2020 onder de kritische dekkingsgraad van 92% ligt. Of dit het geval is zal blijken uit een vóór 1 april 2021 bij DNB in te dienen herstelplan. Dit herstelplan wordt gebaseerd op de financiële positie eind 2020. Ook deze korting mag worden uitgesmeerd (maximaal 10 jaar). De eerste korting is onvoorwaardelijk, de overige zijn voorwaardelijk.

Het pensioenfonds heeft met de werkgever afspraken gemaakt over de inzet van zogenaamde herstelpremies om binnen 10 jaar weer uit herstel te geraken. Vooralsnog is korten daarom niet aan de orde. Blijven deze herstelpremies achterwege dan moeten er mogelijk wel kortingsmaatregelen ingezet worden.

Welkom op onze website

Op het gebruik van onze website is de disclaimer van toepassing.

Bekijk de disclaimer (PDF)



Door naar de website